Religieus of spiritueel?

 

Als Nederlands kind groeide ik op in een gezin dat, zoals toen bijna iedereen in mijn omgeving, wekelijks naar de (protestants christelijke) kerk ging. Het was eind jaren ’60 begin jaren ’70. Een tijd waarin de generatie die rondom de 2e wereldoorlog was geboren de vruchten van de welvaart gingen proeven. Het gevoel dat materiële welvaart het meest begerenswaardige was en dat de toekomst ‘maakbaar’ was vierde hoogtij. Steeds meer mensen kregen het gevoel dat ze zelf volkomen in staat waren het leven autonoom te leven. Het ego was groot en leek meer dan sterk genoeg om het als individu alleen te doen. Het gevoel dat er meer tussen hemel en aarde bestond ebde weg. De ontkerkelijking deed daarmee keihard zijn intrede. Religie werd gaandeweg iets van vroeger. Ook in ons gezin verdween de verbondenheid met de kerk. Geen wekelijks bezoek, nog wel met Pasen en Kerst, maar dat was het. En niet veel later was er in het geheel geen aandacht meer voor religie.

De jaren die volgden stonden voor mij in het teken van studeren, carrière maken, samenwonen en geld verdienen voor een gelukkig leven met hopelijk enkele kinderen en vooral veel luxe. Tot middelbare leeftijd verliep mijn levenspad ook geheel volgens de uitgestippelde route. Maar zoals in ieders leven komt er uiteindelijk vanzelf iets op je pad wat jou de spiegel voorhoudt. Voor mij was het een samenloop van zaken. Verandering van relatie, kinderen die het huis uit gaan, een andere kijk op werken en een fysieke wake-up call. Bij elkaar, achteraf gezien, de basis voor een reset in je leven.

Op zo’n moment van heroriëntatie komt als vanzelf de vraag naar ‘het bestaan’ naar voren. Wat is het, waar komt het vandaan, waar gaat het heen? De zelfverzekerdheid dat het materialisme het hoogste doel is en dat het leven maakbaar zou zijn, is dan even geheel verdwenen. Maar wat en hoe dan wel?

Dit vacuum op mijn levenspad bracht mij gelukkig wel aan het denken. En vanzelfsprekend denk je dan ook weer aan het geloof, zoals je dat vroeger had meegekregen. Iets waarvan je wist dat het vele mensen houvast bood. Het gaf hen antwoorden op de vragen van het leven. Echter, voor mij vanuit mijn eigen ervaring stond ‘het geloof’ gelijk aan ‘de Christelijke kerk’, iets wat naast doctrines een instituut omvatte waar ik mij in het geheel niet mee kon verbinden. Maar er was natuurlijk meer onder de zon dan ‘de Christelijke kerk’. Ik besloot dan ook mijzelf daar maar eens in te verdiepen.

Een belangrijk inzicht dat ik voor mijzelf ontwikkelde was dat ‘religie’ voor mij synoniem is aan ‘geloven’. Geloven in de zin van het hebben van een levensovertuiging (vertrouwen) dat er een ‘macht’ buiten jezelf bestaat, die krachten heeft die jij niet hebt om ‘het bestaan’ te beïnvloeden. Hierbij wordt bij nagenoeg alle religies uitgegaan van stevige doctrines: niet onderbouwde leerstelling die ook nog eens niet betwistbaar zijn. Daarmee werd voor mij geloven iets als ‘vertrouwen op wat anderen zeggen’. Dat was voor mij echt  een brug te ver. Ik had een steviger basis nodig.

In de verdere zoektocht naar antwoorden op de levensvragen bleek vanzelf  dat er veel meer was dan de Abrahamitische religies (Christendom, Islam en Jodendom). Van natuurgodsdiensten (zoals Sjamanisme), Indiase religies (zoals Hindoeïsme) tot non-theistische levensbeschouwingen (zoals het Boeddhisme). Op deze zoektocht werd mij echter ook duidelijk dat ik vooral op mijzelf moest vertrouwen. Ik noem het ‘met verstand mijn gevoel volgen’ (en niet andersom). En gaandeweg werd het voor mij helder: de weg naar inzicht in de essentie van het bestaan, is de weg naar binnen. Alleen daar liggen de antwoorden verscholen. Deze zoektocht naar binnen is wat ik noem ‘spiritualiteit’. Die ontdekkingstocht kent geen dogma’s en geen instituten. Het is een zuivere ontdekking van datgene wat in jezelf bestaat of eigenlijk van wat je in essentie bent. Ik wens dat ieder zijn weg vind.

Religieus zijn is geloven wat anderen zeggen. 

Spiritueel zijn is vertrouwen op wat je zelf ervaart.

Corné van Nijhuis

 


Dhr Corné van Nijhuis is de Bijdragende Redacteur van deze sectie.

Dit deel is het filosofische deel. Het thema zelf is moeilijk. We vragen u om deel te nemen en uw mening te geven in het commentaargedeelte.